Humisme 3: Werk aan de winkel

In de vorige blogs werd duidelijk hoe belangrijk het bodemleven is. Maar hoe krijg je nu al die beestjes en organismen in je eigen tuin? Wat kun je doen, en hoe pak je dat het beste aan? Marc Siepman geeft een aantal praktische tips.


  • Door

    Marc Siepman

    11 december 2014

In deel 1 van deze serie blogs keken we naar een paar wereldwijde problemen en naar de manier waarop we zelf een onderdeel uit kunnen maken van de oplossingen. In deel 2 keken we naar het reilen en zeilen onder onze voeten. Wat leeft daar, en wat is daar zo belangrijk aan? In dit laatste deel lees je wat je zelf kunt doen.

Een eenduidig recept is jammer genoeg niet te geven. Elke bodem en elke situatie vraagt om zijn eigen aanpak. Er zijn vele technieken en die kan ik niet allemaal uitgebreid behandelen in een kort artikeltje, maar ik kan er wel een paar noemen. De vijf belangrijkste zijn: niet spitten, composteren, compostthee brouwen, mulchen en gesteentemeel of zeezout strooien.

1. Spitten of niet spitten?

Het kan in sommige situaties heel nuttig zijn, maar in verreweg de meeste gevallen is het schadelijk om te spitten. Heb je een zwaar gecompacteerde bodem met heel weinig organisch materiaal? Dan kan spitten het herstelproces enorm verkorten, maar alleen als je tegelijkertijd organisch materiaal in de bodem werkt. In alle andere gevallen is spitten funest voor de bodemstructuur. Het is namelijk niet de spade die zorgt voor een mooie structuur, maar het bodemleven. Met name de bacteriën en de schimmels dragen enorm bij aan een losse bodemstructuur, maar ook de wormen en de andere gravers in de bodem. Waarom zou je hun werk kapotmaken? Zij doe het maar al te graag voor je...

2. Composteren

De meeste mensen zullen wel eens van compost gehoord hebben. Maar anders dan in bijvoorbeeld Engeland, zijn er in Nederland nog niet zoveel mensen die zelf composteren. Dat is jammer, want moeilijk is het niet. Terwijl het een enorme verrijking van de bodems betekent. Bovendien bespaart het enorme hoeveelheden transport en vervuiling als je het in eigen beheer houdt.

Veel mensen composteren misschien niet omdat ze denken dat het stinkt, maar goede compost ruikt juist heerlijk naar bosgrond. Als het stinkt, komt dat omdat er vaak geen rekening wordt gehouden met de verhouding tussen 'bruine' materialen, die je in de herfst verzamelt, en 'groene' materialen, waar je in het voorjaar en de zomer een overschot aan hebt. Als je te veel groene materialen op een hoop gooit, bijvoorbeeld zojuist gemaaid gras, dan gaat dat inderdaad stinken. Je moet dus in de herfst bruine materialen verzamelen om in het voorjaar een composthoop op te kunnen zetten die voldoende bruine materialen bevat: ongeveer drie delen bruin op elk deel groen. Een heel dun laagje compost doet al wonderen voor je tuin, maar het lichtjes inwerken van 5 centimeter compost kan de structuur van een gecompacteerde bodem heel snel verbeteren, zeker als je wat kalk aan je composthoop hebt toegevoegd.

Verder lezen? Veel moestuiniers schrijven online over compost. Lees bijvoorbeeld de tips van Diana, van De Boon of de Piccardthof.

 

3. Compostthee

Als je goede compost hebt weten te krijgen kun je daar compostthee van zetten. Je plaatst de rijpe compost in een pantykous die je in een emmer hangt. In die emmer heb je een systeem gemonteerd om de thee mee te beluchten, een aquariumpompje bijvoorbeeld (of meerdere). Je voegt vervolgens voedingsstoffen toe voor de microben die in de compost zitten: gesteentemeel voor de schimmels en melasse (of een ander suikerhoudend materiaal) voor de bacteriën. Het brouwen van compostthee is vergelijkbaar met het brouwen van bier: het kan verslavend werken (hoewel je de thee misschien niet zelf wilt opdrinken).

Het voordeel van compostthee is dat je de vloeibare thee kunt vernevelen en daardoor grotere oppervlakten kunt behandelen. Ook kun je het bladoppervlak van planten en bomen behandelen. De nuttige micro-organismen zullen de schadelijke micro-organismen, zoals bijvoorbeeld meeldauw, wegconcurreren. Ook dringt compostthee door tot de wortelzone: het gebied rond de wortels van de plant waar de meeste microben zich bevinden. Doordat planten en bomen in de wortelzone stoffen uitscheiden waarmee de microben zich voeden (die worden exudaten genoemd) kunnen ze daar het makkelijkst overleven.

4. Mulchen

Mulch is een nabootsing van de strooisellaag die je met name in bossen ziet. Bij het gebruik van compost en compostthee is je doel voornamelijk het toevoegen van microben aan de bodem, maar met mulchen heb je andere doelen. Ten eerste: het organische materiaal voedt de micro-organismen in de bodem. Ten tweede: het beschermt de bodem tegen de inslag van regendruppels waardoor erosie enorm beperkt wordt. Ten derde: het voorkomt snelle temperatuurschommelingen, waardoor het bodemleven de kans krijgt een plekje te zoeken waar het niet uitdroogt of bevriest. Bovendien biedt mulch een plekje waar allerlei geleedpotigen, wormen en andere kriebelbeestjes kunnen leven en helpen met het afbreken van het organische materiaal.

Veel mensen klagen over meer slakken na het aanbrengen van mulch, maar slakken... dat is een artikel op zich. Bomen laten elk jaar in de herfst hun eigen mulch vallen. Als je elk jaar de blaadjes opruimt zal die boom steeds zwakker worden en uiteindelijk opgeruimd worden door een schimmel of een kevertje of iets dergelijks. Maar dat is een symptoom, niet de oorzaak. De oorzaak is het weghalen van de bladeren.

 

5. Gesteentemeel

Het hermineraliseren van de bodem is heel hard nodig: onze bodems zijn zeer arm aan spoorelementen, terwijl die cruciaal zijn voor gezonde planten, dieren en mensen. Zoals in deel 1 beloofd kom ik nog even terug op het interglaciaal. Een ijstijd duurt ongeveer 80.000 jaar. In die tijd schuiven ijsmassa's van wel een kilometer hoog over gesteenten die vermalen worden tot fijn gruis. Dit gruis wordt door de wind over de gehele wereld verspreid. Na het terugtrekken van de ijsmassa's is er een warme periode – het interglaciaal – en vindt er de meest weelderige plantengroei plaats.

Door het toevoegen van gesteentemeel, bijvoorbeeld lavagruis of basaltmeel, kun je ook die weelderige plantengroei krijgen. Voor onze voedselproductie zou dat kunnen betekenen dat we mensen weer gezond kunnen maken met voedsel in plaats van ziek, mits we de bodem in balans brengen zodat de voedingsstoffen ook daadwerkelijk opgenomen kunnen worden. Er zijn ontzettend veel producten om mee te hermineraliseren, maar het meest duurzame en veelbelovende product is zeezout. Het klinkt raar, maar de samenstelling van zeewater lijkt enorm op ons bloed – zeezout is totaal anders van samenstelling dan keukenzout, want daar zijn alle mineralen uitgehaald.

 

Humisme is leven met inachtneming van alles wat in de bodem leeft. Het belang van de bodem wordt bijna altijd over het hoofd gezien, maar met deze korte reeks wil Marc proberen een duwtje in de goede richting te geven.

Meer informatie over humisme vind je op de website Gevoel voor Humus. Marc Siepman geeft door het hele land cursussen om mensen te laten zien hoe ze beter met de bodem om kunnen gaan. Je kunt gratis meedoen. Tijdens deze cursus is 'Het Bodemvoedselweb', het boek dat Marc vertaald heeft, te koop en meestal ook gratis verkrijgbaar als uitgesteld boek. Momenteel werkt hij aan de vertaling van 'Building Soils Naturally'. De Nederlandse titel wordt 'Bodem in Balans'.

Om aandacht te vragen voor de problematiek heeft de VN 2015 uitgeroepen tot Jaar van de Bodem.

 

Schreeuw het van de daken!


Gerelateerd project

Nederland

Verspil geen schil


Reacties 4

Hansje Huson 4 januari 2015

Wat verrassend, Marc, die zeezout. En wel een beetje verwarrend ook. Omdat verzilting van de grond nou net als negatief effect van kunstmest wordt beschouwd. Neem aan dat de overblijvende zouten uit kunstmest agressiever van samenstelling zijn?

Marc Siepman 5 januari 2015

Het zijn veel lagere concentraties. Je kunt geen hele grote hoeveelheden gebruiken, maar in kleine hoeveelheden is het zeer gunstig voor de bodem. De samenstelling van zeewater is bijna hetzelfde als menselijk bloed en de zouten worden grotendeels gebufferd door de andere mineralen. In het boekje Levenskracht uit de oceaan is hier meer over te lezen.

Ireen Laarakker 13 januari 2015

Nooit meer spitten!! geweldig!!